Het is vreemd dat een zo voor de hand liggend dier als de eend nog niet is langs geweest in deze rubriek. Daarom dit keer aandacht voor een vertrouwde verschijning: de (wilde) eend.

Eenden, wie kent ze niet? Werkelijk overal zwemmen ze rond, van de stilste en strengst beschermde wateren tot de siervijvers en grachten midden in de stad. Ook in de vijvers rondom onze wijk zijn ze volop te zien. Zo op het oog rustig rondzwemmend, maar ook in die eendenlijfjes gieren de hormonen! Vooral in deze tijd van het jaar.

Vanaf nu tot ver in de zomer zijn de mannetjes opvallend gekleurd. Duidelijk herkenbaar met een prachtige groen-blauwe, glanzende kop, een bruine borst en een metallic-grijs lichaam. Maar is het u wel eens opgevallen dat de mannetjes aan het eind van de zomer al die mooie kleuren kwijt zijn? Dan zijn ze net zo bruin en onopvallend als de dames. In augustus en september zijn er dus alleen maar bruine eenden. In de loop van het najaar verschijnen bij de mannetjes de mooie kleuren opnieuw. Ze gaan dan volop in de weer met de dames. Die moeten namelijk in het najaar en de winter het hof worden gemaakt, want wilde eenden zijn vroege broeders.

Al in februari beginnen de paartjes rond te lopen op zoek naar een geschikte nestgelegenheid, dat is vaak ver van het water verwijderd. Tot mijn stomme verbazing broedde er enkele jaren terug zelfs een eend in mijn tuin. Ik had haar al enkele keren verjaagd toen ze vanaf de schutting mijn tuin in vloog. Toch had ze een hoekje gevonden, naast een grote yucca, achter in de tuin. Ze heeft er wekenlang ongestoord kunnen broeden. Wonderlijk, want ik inspecteer regelmatig alle hoeken en gaten. Op een ochtend zag ik opeens moedereend met twaalf pulletjes (kuikentjes) vrolijk rondzwemmen in mijn tuinvijvertje. Het maakt wel duidelijk dat de bruine, onopvallende kleuren van het vrouwtje erg nuttig zijn in de broedperiode. Dat uitbroeden van de eieren is namelijk haar taak.

Het mannetje helpt nog wel met zoeken naar een geschikte plek voor het nest, maar daarna blijft het uitsluitend een taak voor haar. Zelfs als ze voedsel moet zoeken komt hij haar niet aflossen. Sterker nog: hij is haar helemaal vergeten! Zijn eigen kroost zal hij nooit zien. Ook de opvoeding van de jongen is uitsluitend haar taak. En onderschat dat niet! Tien tot twaalf eieren is heel gewoon, dus altijd een groot gezin.
Gelukkig zijn de jonge eendjes echte 'nestvlieders'. Dat betekent dat moeder geen voedsel hoeft te verzamelen voor de kleintjes. Kort nadat de eieren zijn uitgekomen, zullen de eendjes hun moeder volgen naar het water en daar leren wat eetbaar is. Dat valt niet mee, vroeg in het voorjaar. Eenden zijn weliswaar voornamelijk vegetariƫrs, maar de kleintjes hebben veel behoefte aan dierlijk voedsel en dat is vroeg in het voorjaar moeilijk te vinden. Niet verwonderlijk dat veel pulletjes doodgaan. Maar net als veel andere vogels hebben ook wilde eenden daarvoor een eenvoudige strategie: ze produceren meerdere legsels per jaar. Regelmatig zelfs meer dan twee nesten, daarom zie je vaak tot in het najaar eenden met jongen rondzwemmen.
Het favoriete voedsel van de eenden is natuurlijk kroos, en verder allerlei planten en zaden. In het voorjaar eten ze, samen met de pulletjes, ook veel slakken, muggen en allerlei andere waterdieren Het verbaast u misschien, maar meestal zoeken eenden 's nachts hun voedsel. Dan vliegen zij in het donker naar de fourageergebieden en vreten zich vol met gras. Zij keren 's ochtends vroeg weer terug en brengen vervolgens slapend de dag door. Uiteraard zijn ze wel snel wakker als er 's winters brood wordt gevoerd vanaf een bruggetje!

Gelukkig zijn er veel liefhebbers van jonge eendjes. Want stel dat al die pulletjes zouden opgroeien! Allereerst zijn reigers geduchte rovers en slokken zij geregeld eendenkuikens op, net als flinke snoeken en allerlei roofvogels. Gemiddeld zet ieder eendenstel per jaar twintig tot dertig pulletjes op de wereld. Als je dan nagaat dat een eend wel twintig jaar kan worden... Geen wonder dat hij in ons land een van de meest voorkomende vogels is, met zo'n 300.000 broedparen. De volwassen dieren trekken meestal niet weg in de winter, maar krijgen wel bezoek van vele eenden uit noordelijker streken. Meestal verdubbelt hierdoor de hoeveelheid eenden in het winterseizoen. Maar let op: er zwemmen ook steeds meer krakeenden rond in de Bijlmerweide. Ze lijken erg op wilde eenden; de mannetjes zijn alleen grijs met een kleine, witte spiegel op de flank.

Als u van de winter door onze omgeving wandelt, bijvoorbeeld door de Bijlmerweide, dan zult u ook andere eenden ontdekken. Tafeleenden en kuifeenden bijvoorbeeld. Die overwinteren echter meestal op de grotere wateren. Een mooi voorbeeld is de Ouderkerkerplas. Als u 's winters over de A9 naar Amstelveen rijdt, kunt u naar rechts kijkend op dit meer honderden, vaak zelfs duizenden eenden zien liggen. Dat zijn vooral smienten, wintertalingen, bergeenden en allerlei ganzen. De meeste soorten vertrekken weer in het voorjaar, zodat in de zomer voornamelijk de wilde eenden overblijven.

En mocht u weer eens luid gesnater van eenden horen, bedenk dan dat alleen de vrouwtjes dit geluid maken. De mannetjes houden het bij een licht fluitend geluid, dat bijna nooit wordt gehoord.