Zoals de meeste bewoners in onze wijk wel weten, zijn de vrijwilligers op de Bijlmerweide maandelijks in de weer om het park te onderhouden, samen met medewerkers van de afdeling 'Beheer en Milieu' van het stadsdeel.

Meestal snoeien en knotten we in de wintermaanden en ruimen we gemaaid gras in de zomermaanden. En soms zijn er extra werkzaamheden zoals het vormen van takkenrillen, het maken en ophangen van nestkasten of de aanleg van broeihopen. Die laatste klus hebben we in maart en april uitgevoerd.

Die broeihopen zijn speciaal bedoeld ter ondersteuning van de aanwezige populatie ringslangen in de Bijlmerweide. Deze slangen komen al van oudsher voor in onze omgeving, net zoals in Diemen, Weesp en langs de IJsselmeerkust. Zelfs tot in Amsterdam-Oost worden deze dieren gezien. Vroeger was ook de omgeving van het oude Ajaxstadion 'De Meer' een bekende ringslangenlocatie.

Voor alle natuurgebieden, dus ook voor de Bijlmerweide, is het goed om de aanwezige 'rodelijstsoorten' met extra zorg te omringen. Op de Bijlmerweide zijn dat de rietorchideeën en de ringslangen. De medewerkers van het stadsdeel zetten de plekken waar deze orchideeën voorkomen af met palen en maaien daar met aangepast, lichter materieel op aangepaste tijden. Dat wil zeggen, de eerste keer pas na eind juni, zodat de orchideeën hun zaad kunnen verspreiden.
De broeihopen zijn bedoeld om eieren in af te zetten. Omdat slangen reptielen zijn, en dus koudbloedig, kunnen zij niet zelf de eieren uitbroeden, zoals vogels doen, maar zoeken ze plekken waar het warm genoeg wordt (en blijft) om de eieren te laten uitkomen. Daarvoor zullen ze de broeihopen gebruiken. Die hopen bestaan uit grove takken, bladeren, haksel en, het belangrijkste onderdeel, paardenmest. De hopen zijn groot genoeg om de broei de hele zomer te laten voortduren. Die actieve broei is duidelijk zichtbaar op koele dagen, dan slaat de damp er vanaf. Binnen in de hopen is het constant rond de 25 graden of warmer. De ringslangvrouwtjes zullen vanaf eind mei/ begin juni deze hopen opzoeken en er hun eieren (20-25 per dier) in afzetten. De jonge slangetjes kruipen dan ergens in augustus (afhankelijk van de temperatuur) uit het ei.

Ten overvloede: u hoeft zich geen zorgen te maken als u de Bijlmerweide bezoekt. Deze slangen kunnen relatief groot worden, gemakkelijk meer dan een meter, maar eten uitsluitend kikkers en salamanders. Verder zijn ze niet giftig en zeker niet agressief en houden er een zeer bescheiden leefstijl op na. Sommige bewoners van onze wijk zijn ze al wel eens tegengekomen. Je ziet ze dan een vijver overzwemmen of zonnend langs de oever; enkele malen hebben ze tuinvijvers bezocht op zoek naar kikkers.
In het najaar kunnen we zien of de ringslangen de hopen hebben gevonden, dan gaan we zoeken naar eventuele lege eierschalen.

Zie ook het artikel uit augustus 2010.