Afgelopen maand kreeg ik een mailtje van een Geerdinkhofbewoner die een ijsvogel had gezien, in de Bijlmerweide, vlak achter mijn huis. Een heugelijke mededeling, ik ben gelijk gaan kijken, maar heb 'm zelf helaas (nog) niet gezien.

Geheel onverwacht kwam deze melding eigenlijk niet. Vorig jaar en het jaar daarvoor had ik zelf al een paar keer een ijsvogeltje gezien bij de sloot tussen Kantershof en de Gaasperdammerweg. Ook werd ik vorig jaar gebeld door een Kantershofbewoonster die regelmatig een ijsvogeltje zag in haar achtertuin; die tuin grenst aan het water tussen Kantershof en Geerdinkhof. Kortom, het ijsvogeltje woont of jaagt in ieder geval in onze buurt.
Het toeval wil dat ik vorig jaar en het jaar daarvoor al een paar keer in een schuilhut had gezeten bij natuurvereniging De Ruige Hof. Dat natuurgebiedje ligt nog net in ons stadsdeel, richting Abcoude. Om precies te zijn bij het huis Zon Alom langs de Abcouderstraatweg, schuin t.o. het clubhuis van golfbaan De Hogedijk.
Natuurlijk was ik getipt over de ijsvogel die daar regelmatig werd gesignaleerd. Wat zeg ik: de ijsvogel? Er broedden daar zelfs twee paartjes in de buurt. Beide foto's bij dit stukje heb ik vorig jaar geschoten vanuit die schuilhut. Dat kostte me overigens wel wat uren, verdeeld over meerdere dagen, maar ik was met de waarneming en de foto's erg tevreden!

Ieder jaar vliegen er dus jonge ijsvogeltjes uit en die zullen in de omgeving op zoek gaan naar een nieuw leefgebied. En dat is volop aanwezig: de Hoge Dijk, rondom het Abcoudermeer en het Gein, het Diemerbos, het nieuwe Bijlmerpark, enzovoort. Natuurlijk bevindt hun leefgebied zich naast en rondom water, helder water welteverstaan. En dat ontbreekt er helaas nog weleens aan in ons eigen park de Bijlmerweide... De ijsvogel is namelijk een zichtjager, die vanaf een uitzichtpost, meestal een takje langs of boven het water, het oppervlak afspeurt naar kleine visjes. Zijn jachttechniek is spectaculair, maar het gaat razendsnel. Binnen enkele seconden na de precisieduik zit hij alweer op de uitkijk, want het is niet altijd raak natuurlijk.

De ijsvogel kent wel een mooie traditie om een geliefde te veroveren: het mannetje dient een vrouwtje een visje aan te bieden en wanneer zij dit accepteert (en dus opeet) dan is de zaak beklonken. De paring verloopt dan zoals bij de meeste vogels: heel snel. En daarna op zoek naar een geschikte plek om voor het nageslacht te gaan zorgen, maar daaraan stellen ze wel eisen.
IJsvogels verlangen namelijk een zandige wand, direct boven het wateroppervlak, waarin ze zelf een nestgang kunnen uitgraven. Zo'n nestgang is meestal meer dan een halve meter diep en wordt door beide geliefden uitgegraven.

Fauna ijsvogelTot voor kort was de ijsvogel een zeldzame en beschermde soort, maar sinds enige jaren is hij van de rode lijst verdwenen. De aantallen stijgen vanaf eind jaren negentig namelijk flink.
In 1995 werd bedacht dat veel beken en kleine riviertjes weer mochten meanderen en werden op veel plaatsen ook de zandige of lemige wanden weer aangebracht of hersteld.
Daar profiteerde de ijsvogel direct van. Maar er is een eenvoudiger methode om nestelplaatsen te creëren, door een langs het water staande boom, met wortelkluit en al, om te trekken. In die dikke kluit kan de ijsvogel dan zijn nestgang graven. In navolging hiervan werden op veel meer plaatsen in het land nestelplaatsen gecreëerd. Vooral in het Gooi zijn er veel aangelegd en die worden ook nauwkeurig gemonitord.

Zo bleek 50% van de wanden bewoond te zijn en zorgden de paartjes meestal voor twee en soms drie nesten per seizoen. Per nest worden vier tot acht eitjes gelegd en het gemiddelde resultaat is vijf tot acht uitvliegende jongen per jaar per broedkoppeltje. Doordat de soort dus behoorlijk productief is, kan de populatie in enkele jaren weer herstellen en dat is regelmatig nodig, met name na een strenge winter. Want die naam is nogal verwarrend: de ijsvogel is namelijk helemaal niet gesteld op ijs. Integendeel! In het Engels heet hij dan ook Kingfisher, in het Frans Martin's Pêcheur en ook in het Italiaans en veel andere talen komt het woord 'jager' of 'visser' voor. Alleen in het Duits heet hij Eisvogel, waarschijnlijk afgeleid van Eisenvogel, dat verwijst naar z'n metaalkleurige verenkleed. De tweede, minder waarschijnlijke verklaring zou zijn dat hij in vroeger eeuwen vooral werd gezien rond wakken in het ijs en zo zijn naam kreeg.
Hoe dan ook, persoonlijk vind ik die naam 'ijsvogel' helemaal niets!

Komt u regelmatig in de Bijlmerweide, bijvoorbeeld om de hond uit te laten of lekker even te wandelen, geef uw ogen dan goed de kost. Meestal ziet u alleen maar een blauwe flits over het water scheren, vergezeld van een schril piepje. Even wachten heeft zeker zin, want meestal keert de ijsvogel kort daarna weer terug op zijn uitzichtpunt.

Ik vrees dat na de stevige vorstperiode van begin februari de populatie weer flink is gereduceerd. Dus hoop ik, ook voor het ijsvogeltje, dat we weer wat zachte winters gaan krijgen.