Verzin nu eens een beestje voor het bulletin van december! Ik probeer meestal een beest te vinden dat een beetje past bij het seizoen. De kruisspin in de herfst, het winterkoninkje in de winter, een vlinder in het voorjaar, enzovoort. Maar bij december…? Bij het doornemen van de vorige artikeltjes vond ik de kikker en de (rugstreep)pad, dus daar onbrak nog het derde lid van deze groep, de amfibieën: de salamander. Is dat dan een winterdier? Nou…, waarom eigenlijk niet?

Afgezien van een enkele strenge winter, zoals de laatste, zijn de meeste winters in Nederland zo mild dat veel amfibieën maar heel kort of gedurende enkele korte periodes een winterslaap houden.
Kikkers en padden kunt u best tegenkomen op een natte winteravond. Zogauw de temperatuur rond of boven de tien graden uitkomt, worden ze alweer actief. De meeste amfibieën beginnen al in de herfst aan de trektocht naar hun voortplantingswater. Als de koude invalt trekken ze zich terug in de grond, onder stenen, hout of gewoon onder een steiger, schuurtje of oprit. Zolang het maar vorstvrij blijft. Stijgt de temperatuur dan trekken ze gewoon verder, ook in de winter. Zo gebeurt het steeds vaker dat je al salamanders in de vijver kunt zien in februari en zelfs in januari.
Ik ben al jaren lid van RAVON (reptielen-, amfibieën- en vissenonderzoek Nederland) en op hun website en in het bijbehorende blad worden ieder jaar weer allerlei waarnemingen vermeld. De laatste jaren steeds vaker ook de eerste parende salamanders. Enige jaren terug was de eerste waarneming al op oudejaarsavond.

Inderdaad is de makkelijkste manier om amfibieën waar te nemen gewoon ‘s avonds of ’s nachts met een zaklantaarn in je tuin rond te snuffelen. Het liefst na of tijdens regen, eigenlijk het hele jaar door, maar het voorjaar en de zomer blijven natuurlijk wel de beste jaargetijden.In tegenstelling tot kikkers en padden zetten salamanders hun eitjes één voor één af tussen de waterplanten. Maar voor het zover is gaat er een interessant paringsritueel aan vooraf. Kikker- en paddenmannetjes omklemmen simpelweg alles wat ze onderweg tegenkomen en maar enigszins lijkt op een vrouwtje. Als het een ander mannetje is dan verzet dit zich hevig en als het een stukje hout of een bosje algen blijkt te zijn verliest het mannetje na enige tijd z’n interesse. Treffen ze een vrouwtje dan zijn ze vaak niet de eerste en start er een ordinaire trappartij en het gebeurt regelmatig dat een vrouwtje bezwijkt onder de avances van meerdere mannetjes tegelijk.

Hoe anders is het liefdesleven van de salamanders! Uiteraard zijn ze net zo koudbloedig als de kikkers, maar houden de mannetjes een heuse paringsdans zo gauw ze een vrouwtje in het vizier krijgen. Zo’n ritueel is mooi te zien op bijvoorbeeld de bodem van uw tuinvijver. Meestal speelt zich dat af in maart en april (maar soms al ver daarvoor). Dan groeien er nog geen waterplanten en is gemakkelijk een open plekje op de bodem te vinden. In het kort komt het erop neer dat het mannetje voor het vrouwtje gaat staan, zijn staart langs zijn lichaam vouwt en vervolgens geurstoffen in haar richting wappert. Als het vrouwtje deze geurstroom volgt, al lopend over de bodem, loopt het mannetje steeds iets verder weg. Tegelijkertijd plakt hij een spermapakketje op de grond en als zij er dan precies overheen loopt zal ze dat in haar voortplantingsorgaan (cloaca) opnemen. Waarschijnlijk heeft ze er niet eens erg in! Nou, nou, wat een romantiek zult u denken. Maar ja, net als vissen hebben amfibieën een uitwendige bevruchting. De mannetjes kunnen dus geen sperma in het vrouwtje brengen (enkele uitzonderingen daargelaten).

Meestal stoten de vissenvrouwtjes hun eitjes uit en storten de mannetjes tegelijk hun sperma (hom) eroverheen. Ook de kikker- en paddenvrouwtjes stoten hun eieren uit en tegelijkertijd storten de mannetjes, die op hun rug geklemd zitten, hun sperma erover uit. Omdat het water in de vijver vaak vergeven is van hom raken alle aanwezige vissen in de juiste stemming en dat gaat ook zo bij de kikkers.Gelukkig voor de salamanders paren alle amfibieën zo’n beetje tegelijk en meestal ook nog in dezelfde watertjes. Het favoriete voedsel van de salamander in voortplantingstijd is dan ook: kikkerdril! Ruimschoots aanwezig en erg voedzaam. Ook dat kunt u goed zien als u ’s avonds met een zaklamp in de vijver schijnt. Rondom een klomp kikkerdril zijn vaak salamanders te vinden. Ook de dikkopjes die na enige tijd rondzwemmen zijn een gemakkelijke prooi. De salamanders zijn veel zuiniger met hun nageslacht. Ieder eitje wordt keurig tussen een opgerold blaadje geplakt zodat het enigszins beschermd wordt tegen vraat. Het zijn er ook geen honderden of zelfs duizenden, zoals bij die ordinaire kikkers, maar enkele tientallen. Meestal wat later dan de eerste dikkopjes zwemmen de salamanderlarven rond en dan is de eerste trek van veel vijanden al gestild. Ook zwemmen ze niet zo dom rond als dikkopjes op zoek naar alg.
Nee, de salamanderlarfjes gaan al direct op jacht naar prooidiertjes. Daarom bewegen ze zich heel voorzichtig en bedachtzaam.

In onze omgeving kunnen we 2 soorten tegenkomen: de kleine watersalamander en de grote (ook wel kamsala-mander genoemd). Van die laatste heb ik een foto geplaatst, dit najaar in eigen achtertuin gefotografeerd (’s avonds in de regen natuurlijk!). De tweede foto is een mannetje in bruiloftskleed. Beide soorten zijn watersalamanders waarvan de mannetjes in de voortplantingstijd een mooie kam op hun rug krijgen. Die verdwijnt weer tegen de zomer. Dan verlaten ze ook het water en leiden dan een teruggetrokken leventje onder stenen of stronken. Ze leven dan van wormpjes en naaktslakjes. Tegen de herfst gaan ze weer op pad naar hun voortplantings-vijver. De overwintering vindt dus deels onder de grond en deels in het water plaats. In het oosten en zuiden van ons land kunnen we ook nog de vinpootsalamander en de alpenwatersalamander vinden.
Nog een paar wetenswaardigheden:

  • Er bestaan meer groepen salamanders zoals landsalamanders en wormsalamanders en de axolotl.
  • De “salamanders” die u tijdens de vakantie over muurtjes of boomstronken ziet rennen zijn geen salamanders maar hagedissen! Die behoren tot een heel andere diergroep: de reptielen. Maar helaas komen in onze omgeving geen hagedissen voor. Wel een ander reptiel: de ringslang. Maar die is voor komende zomer.