Ik had nog geen enkel idee over welk dier ik deze keer een stukje zou schrijven. Maar tij dens de nieuwjaarsborrel in de Garstkamp opper de Femie Groot: een stukje over de reiger. Goed idee! Raar eigenlijk dat deze vogel nog niet langs is geweest, want het is toch een bekende verschij ning. En niet alleen in onze buurt.

Uiteraard is het van oorsprong een echte plattelandsvogel die z’n voedsel zoekt langs slootjes en op weilanden. Nog steeds worden veel reigers gezien in het open veld terwijl ze jagen of roerloos in het water turen. Hun menulijst is zeer gevarieerd en bevat meer dan kikkers en vissen. Werkelijk alles wat in hun keel past (en die is erg groot) wordt naar binnen gewerkt. Dus ook muizen, mollen, grote insecten en kleine vogels zijn niet veilig voor de reiger. Uiteraard heeft de stadsreiger, de plaatselijke ondersoort die we hier vaak zien, een nog veel grotere keuze. Ik heb zelf eens gezien (toen ik nog wel eens viste) hoe een reiger behendig een jong eendje uit het water pikte en zonder enige omhaal naar binnen slokte. Het was een pulletje uit een lange rij die achter de moeder aanzwom en ik weet zeker dat de moedereend het niet eens heeft gemerkt. Enige tijd geleden stond ik in een vervelende file op de Coentunnelweg (A10) en zag een reiger, naast mij in de berm, langdurig in de weer met een flinke bruine rat. Hij had het dier aan de staart en sloeg ‘m herhaaldelijk hard tegen de grond. De afloop heb ik niet gezien, maar ik twijfel er niet aan dat hij z’n maag er goed mee heeft gevuld.

Die stadsreiger heeft zich geweldig aan z’n omgeving aangepast. Hij heeft z’n schuwheid afgelegd en z’n menu aangepast, d.w.z. flink uitgebreid. Dus eet hij ook dode vis en visafval, kippenpoten en ander slachtafval en zelfs fijn gesneden vleeswaren en blokjes kaas. Misschien willen ze ook wel wennen aan chips, pinda’s en een glaasje wijn? Veel mensen voeren vogels en dat hebben de reigers snel geleerd, alleen wat wel en eigenlijk niet voor de reiger is neergezet is voor deze vogels nog moeilijk te onderscheiden. Zo vind je op het net erg vermakelijke foto’s van reigers met complete vetbollen in hun snavel. Verder zijn de goudvissen en koikarpers natuurlijk zeer aantrekkelijk en worden ook wel erg gemakkelijk geserveerd in heldere, ondiepe vijvers.
Die stadsreiger is overigens treffend in beeld gebracht door Marc van Fucht in de film “Schoffies” (zie: www.schoffiesfilm.nl). Op die film kunt u o.a. zien hoe een reiger dagelijks de Febo binnenwandelt voor z’n kippenpoot en andere reigers het afval op de Albert Cuijpmarkt wegwerken of hele dagen wachten onder een balkon op hun dagelijkse kaasblokje. Geen wonder dat deze ondersoort niet meer wegtrekt in de winter, zoals hun wat meer natuurlijk levende soortgenoten nog wel doen. Daardoor beginnen ze al rustig met nestelen in januari of februari. Altijd in groepen en in hoge bomen. Al enige jaren wordt ook in onze buurt gestadig gebouwd aan een reigerkolonie langs het fietspad van Geerdinkhof naar Kantershof. Recht tegenover de ingang van vogelasiel “De Toevlucht”. Ze bouwen grote nesten van groot materiaal. In dat nest komen maar 3 of 4 eieren, maar veel van die jongen groeien probleemloos op vanwege de ideale voedselomstandigheden.
Op de site van SOVON (vogelonderzoek Nederland) vindt u allerlei grafieken en getallen over allerlei vogels waaronder de reiger. Daar is ook te zien dat de reiger het erg goed doet in met name Noord- en Zuid-Holland. Opvallend hoe weinig reigers er broeden op de Veluwe, in Brabant, Overijssel en Drente. En al helemaal niet op de Waddeneilanden . . . Er zijn overigens twee verspreidingsplaatjes te zien: de broedvogels en de vogels die hier niet broeden, dus die alleen te gast zijn in de winter of doortrekken. Ook die vogels mijden dezelfde gebieden en bezoeken voornamelijk de Randstad. Op die site leren we ook dat het aantal (blauwe) reigers sinds 1990 met 5% per jaar groeit, maar ook dat strenge winters nog steeds van invloed zijn op de populatie.

Sinds 1963 zijn de reigers wettelijk beschermd en mag er dus niet op gejaagd worden. Sinds die tijd hebben ze langzaamaan hun schuwheid afgelegd en ontdekten ze dat de mens geen bedreiging vormt. Sterker nog: je kunt gewoon mee-eten als je rustig naast een visser gaat staan, of naast de haringkar of marktkraam. Uiteraard hebben veel meer vogels ontdekt dat de stad en de mensen juist voordeel bieden en zeker geen direct gevaar opleveren. Vroeger was de merel bijvoorbeeld een schuwe bosvogel en broedden meesjes gewoon in een gaatje in de boom.

Bewoonden duiven rotsachtige omgevingen, vingen meeuwen vissen op zee en zochten spreeuwen insecten op de velden. Nu vliegen de jongen achter hun ouders aan naar de vuilnisbelt (meeuwen) of direct naar een winkelplein (duiven) of scheppen het restant pindasaus uit een plasticbakje (spreeuwen). Allemaal lusten ze ook brood en patat. Hoeveel “wilde” eenden in de stad zullen nog kroos eten?
Nog steeds komen er vogelsoorten bij die pas sinds kort in stedelijke omgeving opduiken. De aalscholvers vangen nu vis in siervijvers, sperwers jagen in de binnenstad op mussen en slechtvalken broeden soms tegen torenflats of hoge schoorstenen en hebben ontdekt dat stadsduiven een gemakkelijke prooi zijn. De lijst is nog veel langer en de reiger is dus geen uitzondering. (En dat zijn alleen nog maar een paar vogels! Denk ook eens aan het aanpassingsvermogen van veel insecten, muizen, ratten, konijnen, enz.)

Ik stuitte op nog een paar wetenswaardigheden:

  • Wist U dat reigers wel 25 jaar oud kunnen worden?
  • Dat de jongen zo’n 7-8 weken op het nest blijven, voordat ze uitvliegen?
  • Dat we geen verschil kunnen ontdekken tussen de mannetjes en de vrouwtjes?

Overigens zijn er naast de blauwe reiger ook een aantal soorten die altijd al schuw waren en niet snel zullen veranderen. In een aantal natuurgebieden, waaronder het Naardermeer, broeden enkele purperreigers, nog veel zeldzamer is de roerdomp en ook zelden te zien zijn het woudaapje, de kwak en de ralreiger. Allemaal schuwe rietkraagbewoners die hun gedrag niet snel kunnen aanpassen aan veranderende omstandigheden. Ziet U dus een reiger rondom onze wijk dan is het vrijwel zeker een blauwe reiger, hoewel hij de laatste jaren enige concurrentie begint te krijgen van de zich snel uitbreidende ooievaars. Ik heb nog twee plaatjes toegevoegd van internet van etende reigers. Als je iets langer zoekt, vindt je nog veel onsmakelijkere plaatjes van reigers die muizen, ratten en zelfs konijntjes naar binnen werken.