Iedere winter komen ze bijna dagelijks in, langs, door of over mijn tuin. Ze trekken in groepjes rond en wachten altijd op elkaar voordat ze weer verder vliegen: staartmezen.

Fauna staartmees 1

Ze houden constant contact met kleine, hoge piepgeluidjes. Ze kunnen heel intensief door mijn vuurdoornstruiken fourageren, maar ze zoeken ook boomtakken of muren af op zoek naar kleine insecten. Bij voortduring pikken ze van alles op met hun kleine snaveltjes. Ze zijn grappig en levendig en voortdurend druk in de weer met voedsel en met elkaar.

Het eerste dat opvalt, is de geringe grootte. Op de site van de vogelbescherming wordt de staartmees omschreven als een pingpongballetje met een lange staart. Door die lange staart lijkt het nog iets, want het lichaampje is maar een centimeter of zeven lang en zo'n meesje weegt nog geen tien gram! Ze zullen dus de hele dag wel voedsel moeten zoeken om een lange nacht in de winter te overleven. Ze slapen daarom ook in groepjes of op een rijtje op een tak, zo kunnen ze elkaar een beetje warm houden. Mochten de insecten opraken gedurende de winter, dan willen ze wel overschakelen op zaden en bezoeken ze ook onze vetbolletjes. In de loop van de winter ontstaan binnen de groep verscheidene paartjes en als het voorjaar nadert, zal de groep dus langzaam uiteen vallen.

In tegenstelling tot koolmezen en pimpelmezen maken ze geen gebruik van nestkastjes, maar bouwen ze een zeer vernuftig, hangend nestje. Meestal hangt dit nestje in dicht struikgewas, op niet te grote hoogte.

Fauna staartmees 2

Het vrouwtje legt meer dan zeven eitjes en die zal ze gedurende twee weken bebroeden. De taakverdeling bij staartmeesjes is nogal strikt geregeld: zij broedt en hij zorgt voor aanvoer van het voedsel. Zodra de eitjes zijn uitgekomen, zal ook het vrouwtje voor voedselaanvoer gaan zorgen. De hele opvoeding van de jongen duurt ook maar twee weken. Dan vliegen ze al weer uit en worden ze nog een paar dagen nagelopen door hun ouders. Als alles meezit, beginnen ze later in het voorjaar nog aan een tweede broedsel.

De staartmezen in Nederland doen het prima, vooral in bosrijke gebieden kunnen ze talrijk zijn. Er worden zo'n 40.000 broedparen geteld in ons land. De afgelopen tien tot vijftien jaar is er geen grote af- of toename gesignaleerd. Maar eerlijk is eerlijk; ze verliezen het in aantallen dik van de koolmezen, pimpelmezen, roodborstjes en vinken. Daarvan broeden er in ons land honderdduizenden paren. Maar die soorten hebben zich dan ook volledig aangepast aan woonwijken en steden. De staartmeesjes houden het toch veelal bij bossen en bosgebieden.
Geerdinkhof grenst aan de Bijlmerweide en ook rondom de wijk bevinden zich grote plantsoenen en dicht struikgewas. Daarom vinden veel vogels (zoals staartmezen, maar ook vinken, groenlingen, putters, spechten enzovoort) de weg naar onze tuinen.
Deze weken zult u de staartmezen vooral bezig zien met verzamelen van mos, veertjes en spinrag. Ook onder kozijnen, dakranden en langs garagemuren verzamelen ze hun nestmateriaal.

Fauna staartmees 3

Zelf heb ik nog nooit een staartmeesnestje ontdekt, daarom voeg ik er een foto (van internet geplukt) bij als voorbeeld. De overige foto's heb ik in eigen tuin geschoten.

Een prettig en vogelrijk voorjaar gewenst.