Haar leven lang heeft Femmie Wiersma een fascinatie voor paarden gehad. Als kind vond ze ze interessant, maar ook groot en soms eng. Sinds enkele jaren heeft ze een eigen paard, Fleur. Het was liefde op het eerste gezicht.

Mijn eerste herinnering aan het paard is toen ik ongeveer drie jaar oud was. Dat was in de jaren veertig. In het dorp waar ik geboren ben en opgroeide, trokken paarden de kar van diverse winkeliers, onder andere de groenteman, de melkboer en natuurlijk de schillenboer.
Ik weet nog dat mijn moeder me op de arm mee naar buiten nam met in mijn knuistje een suikerklontje. Ik moest dat dan op mijn platte hand leggen en zo aan het paard geven. Ik vond de paardenkop wel heel erg groot en ik vond het platte handje vreemd. Waarom zo?
Dat deed je met een hond of kat toch ook niet.... Nou, dan kon het paard niet in je handje bijten...

Tweespan op hol
Uit mijn lagereschooltijd heb ik de herinnering aan paarden die op hol sloegen. Met een tweespan was dat heel erg eng. Ze konden zo de stoep op rennen. Mijn vriendinnetje en ik zijn een keer een vreemde tuin in gevlucht, voor ons gevoel op het nippertje. Ik heb het idee dat ik hier nu niet zou zitten te schrijven als we gewoon doorgelopen waren.
En dan had je nog de paarden met kleppen voor hun ogen, als die het rijtuig met de kist van een overledene trokken. Alles was zwart. Ze hadden een zwart dek met franje. Hun uiterlijk was erg angstaanjagend voor mij. Mijn opa is in 1952 op deze wijze vervoerd om begraven te worden. De familie ging er te voet achteraan.
In het circus vond ik paarden echter prachtig en als fervent dierenliefhebber hoorden ze er voor mij natuurlijk ook bij. Een lichte angst bleef, en vrijmoedig aanraken durfde ik ze niet; wel iets geven met het platte handje en later de platte hand.

Zelf rijden op een paard
De jaren verstreken en toen ik ruim boven de zestig was kreeg ik een inval om toch eens op een (bejaard) paard te zitten en er mogelijk op te rijden. Een goede vriendin wist een Westernmanege in Duitsland, waar je ook een weekend heen kon om lekker te wandelen. Dat deden mijn man en ik en zo zat ik in 2007 voor het eerst op het paard Silver, niet zo bejaard maar wel lief, op een Westernzadel na eerst een les in het verzorgen gekregen te hebben.
De dag daarop werd het touw van Silver in mijn handen gedrukt en werd mij gevraagd haar in de wei te zetten.
Iedere keer lessen in Duitsland was een beetje ver, dus nam ik les bij een manege dichtbij. En dat ging lekker. Helaas kwam ik in Duitsland tijdens een buitenrit (wat ik eigenlijk nog niet mocht) ten val. Wat nu? Rijden durfde ik voorlopig niet meer, dus ging ik een tijdje paarden poetsen op de manege dicht bij huis. Maar zelfs een deken omdoen was eng. Het paard bleef groot. Dus haakte ik af.

Een eigen paard
Tijdens een open dag in maart 2009 op een hit-actiefstal, de Maesberg, in Arnhem ontmoette ik iemand die mij een stal in Aalsmeer aanraadde vanwege een andere benadering van het paardrijden.
De eerste dag dat ik daar kwam, zag ik een bruin paardje met zwarte haren en lieve ogen haar koppie buiten de stal steken. Ik was meteen verliefd. Op haar, Fleur, heb ik iedere keer mijn zit geoefend en na twee jaar heb ik haar geleased. Tussendoor heb ik zowel op mijn oude manege als ook op andere adressen les genomen. Dat heeft allemaal bijgedragen tot wat ik nu met mijn paardje doe.
Toen ik Fleur geleased had, wist ik namelijk eerst niet wat ik met haar moest doen, maar dat was snel over. Vanaf december 2013 is ze mijn eigendom. Ook toen wist ik aanvankelijk niet wat ik elke dag moest doen, maar dat was eveneens weer snel over.

Het is zo leuk om Fleur goed te leren kennen. Ik rijd op een dekje en zonder bit, maar veilig (voor zover dat kan) in een roundpen. Het betere werk wordt gedaan door een bijrijdster. Ook heb ik een vriendin die mij helpt met grondwerk. Daar is ook veel in te doen, bijvoorbeeld over balkjes stappen of tussen twee balkjes door. Fleur vindt er niets aan als ik dan naast haar loop, maar zodra ik erachter ga om te mennen heeft ze er duidelijk plezier in.

Fauna het paard en ik

Het voederen
Fleur is neurotisch wat betreft voedsel. Als veulen heeft ze van mensen de fles gekregen omdat haar moeder haar niet wilde of kon voeden. Dus laat ik haar merken dat er altijd eten is. Na de stal verschoond te hebben, strooi ik reepjes wortel, verantwoorde snoepjes en stukjes mueslikoek. Zo kan ze lekker foerageren. Dit alles heeft tot gevolg dat ze uiteraard minder voernijd heeft en liever is voor andere paarden.
Om meer over paarden te weten te komen heb ik veel gelezen en ook lezingen en workshops gevolgd, onder andere in het oosten van het land waar ook vroegere buren wonen. Daar kom ik nu regelmatig.

Tot slot een verhaaltje
Mijn vriendin en ik kwamen aanlopen en Fleur stak haar hoofd buiten de stal. Mijn vriendin had de tas hooi en ik de kruiden van Fleur. Nu is het de gewoonte dat ze die bij mijn aankomst krijgt. Maar ik moest ze nog even uit mijn rugzak halen en in die tussentijd hield mijn vriendin de zak met hooi onder haar neus en zei: 'neem maar vast een hapje hooi'. Als door een wesp gestoken ging haar hoofd weer de box in, want dat was niet de bedoeling. Ze wilde nu haar kruiden, zo gaat dat iedere dag.
We hebben er nog lang plezier om gehad.