Sinds onze dreven zijn omgetoverd tot stadsstraten worden we, in ieder geval als automobilist, dagelijks geconfronteerd met allerlei 'hindernissen' die er vroeger niet waren. Reden voor de redactie om de omgangsregels met betrekking tot deze objecten eens nader te bestuderen. We beginnen met het zebrapad.

In de oude Romeinse stad Pompei zijn de waarschijnlijk oudste zebrapaden ter wereld te bezichten (de 'pondera'). De inwoners van Pompei staken hier de straat over via een aantal grote stenen. Dit zorgde ervoor dat zij zonder natte en vuile voeten de overkant konden bereiken, aange-zien de straat destijds praktisch een openbaar riool en vuilstort was. De passerende karren konden precies tussen de stenen doorrijden, maar moesten logischerwijs stoppen voor de voetgangers.

Zoals iedereen wel zal weten is een zebrapad een gedeelte van de straat waar voetgangers voorrang genieten bij het oversteken. Het wordt aangegeven met een aantal witte stroken in de lengterichting van de weg. In vaktermen is een zebrapad bekend als voetgangers-oversteekplaats oftewel een VOP.

Maar wat houdt dat nu in, 'voorrang bij het oversteken'? In Nederland en België behoren voetgangers die aangeven te willen oversteken reeds voorrang te krijgen. Dit is in overeenstemming met het beleid de positie van kwetsbare verkeersdeelnemers te verstreken. In het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk heeft een voetganger voorrang zodra deze een voet op het zebrapad plaatst.

Voor Nederland is het geregeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV) 1990, artikel 49. Wie in dit verband als voetgangers worden beschouwd is geregeld in artikel 2 (zie kader).

De nota van toelichting op het artikel 49 RVV 1990 houdt onder meer in:
"Bepaald wordt dat de bestuurders een voetgangersoversteekplaats voorzichtig naderen en aan voetgangers, die zich daarop bevinden, onbelemmerde doorgang verlenen. Dit laatste beduidt, dat de voetganger zonder onderbreking zijn weg moet kunnen vervolgen, indien hij zich eenmaal op de voetgangers-oversteekplaats heeft begeven. Het staat de bestuurder vrij achter hem of eventueel voor hem langs te rij-den, indien voor het laatste voldoende ruimte is. Hij behoeft de voetganger immers geen voorrang te verlenen in de zin dat hij in alle gevallen moet wachten, totdat hij de overzijde bereikt heeft"

Samenvattend: voetgangers die zich op een zebrapad bevinden of kennelijk op het punt staan van een zebrapad gebruik te maken moeten ongehinderd hun weg kunnen vervolgen, bestuurders moeten een zebra voorzichtig naderen maar hoeven niet per se te wachten tot de voetganger helemaal is overgestoken. Fietsers hebben geen voorrang op een zebrapad.

Meer dan de helft van het aantal ernstige ongevallen onder voetgangers gebeurt tijdens het oversteken. Bijna een kwart van de ongevallen vindt plaats op een zebrapad, zo is de schatting van de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid: “ Voetgangers verwachten ten onrechte dat ze bij een zebrapad veilig over kunnen steken, terwijl automobilisten nauwelijks op de markering reageren. Er zijn landen waar je veilig kunt oversteken, maar hier rijden ze de vouwen uit je broek.”

Ik heb de indruk dat dat in Zuidoost wel meevalt, maar zou toch willen eindigen met twee oproepen:
- automobilisten: houdt u aan de regels en wees beleefd
- voetgangers: een zebrapad is geen trottoir waar je zonder op of om te kijken gebruik van kunt maken.

RVV 1990, artikel 49:
2. Bestuurders moeten voetgangers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, die op een voetgangersoversteekplaats oversteken of kennelijk op het punt staan zulks te doen, voor laten gaan.

3. Het tweede lid geldt niet voor bestuurders van een motorvoertuig dat behoort tot een militaire kolonne.

4. Het tweede lid geldt evenmin, indien voor de voetgangers en de bestuurders van een gehandicaptenvoertuig een rood voetgangerslicht of een geel knipperlicht van toepassing is.

RVV 1990, artikel 2:
1. De regels van dit besluit betreffende voetgangers zijn mede van toepassing op bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, indien zij van een voetpad of trottoir gebruik maken of van het ene naar het andere voetpad of trottoir oversteken.

2. De regels van dit besluit betreffende voetgangers zijn voorts mede van toepassing op personen die te voet een motorfiets, bromfiets of fiets aan de hand meevoeren, alsmede op personen die zich verplaatsen met behulp van voorwerpen, niet zijnde voertuigen.