In de voorgaande afleveringen van deze rubriek hebben we al met verschillende verzamelaars en hun verzameling kennisgemaakt. Nu ben ik op bezoek bij Jaap Schippers, die al sinds 1980 hier met zijn vrouw Hilde woont. De kinderen zijn al lang het huis uit en dat geeft Jaap ruimte voor zijn hobby: miniatuurtreinen. Een kamer boven is getransformeerd tot een spoorwegcomplex.

'Als kind had ik ook treintjes. Niet zo veel, want het was duur, maar ik heb het altijd leuk gevonden. Mijn wandelvriend, die ik sinds mijn schooltijd ken, heeft dezelfde hobby,' vertelt Jaap. 'Het is een hobby die je niet loslaat en het is nooit af,' voegt hij eraan toe. Hij begon met het maken van een klein proefbaantje. Uiteindelijk werd het wandmeubel uit de kamer boven verkocht en van de opbrengst werden rails besteld. Sinds Jaap een jaar geleden met pensioen ging, is er alle tijd voor werk aan het spoor.

Alles klopt
Op het spoorwegcomplex boven moet alles kloppen. De verhoudingen van alles wat er staat en rijdt zijn op schaal (1:87). 'Ik heb ook nog spullen van zo'n veertig á vijftig jaar oud waar ik geen afstand van kan doen,' vertelt Jaap. Deze dingen mogen echter alleen deel uitmaken van het complex als ze er ook precies bij passen, qua schaal en functie. Alles wat hij koopt of maakt, moet aan die voorwaarden voldoen. Dat betekent dat Jaap veel zelf maakt. 'Soms moet je een compromis sluiten, want het moet wel werken' en als voorbeeld wijst Jaap op de rails. Die zijn ietsje te grof, maar het moet matchen met de wielen van de treinen. Dat die rails iets te groot zijn, dat is voor de niet-kenner absoluut niet te zien.
Ook de combinaties van rollend materieel moeten bestaanbaar zijn. Jaap wijst een dieseltrein met rijtuigen aan. 'In de jaren vijftig was deze trein ultramodern, nu staat er één opgelapt in het spoorwegmuseum.'
Verzamelaars miniatuurtreinen-1

Decoreren
Het leukst aan zijn hobby vindt Jaap het decoreren. 'Een treintje koop je, maar het prutsen is het leukst.' Daarbij de fantasie de vrije loop laten kan niet helemaal, want 'het prutswerk' moet natuurlijk weer op alle fronten kloppen.
Jaap beperkt zich tot Nederland en tot de periode van 1955 tot 1965. Daarmee maakt hij het zich ook lastig. In Nederland zijn bijvoorbeeld geen bergen met tunnels, waarin je moeilijke stukken zoals scherpe bochten goed kunt wegwerken. 'Maar sommige fanatiekelingen beperken zich in de opzet van hun spoorcomplex zelfs tot één bepaalde dag.' Onmiddellijk komt daar bij mij de herinnering op aan de treinramp in Harmelen en de treinkaping bij De Punt in Beilen.
Verzamelaars miniatuurtreinen-2

Clubs
Die 'fanatiekelingen' brengen ons op het volgende onderwerp: clubs. Hobbyisten verenigen zich. De dichtstbijzijnde club zetelt in Hilversum. Jaap is geen lid van zo'n vereniging. 'Daarvoor ben ik te eigenwijs, ik wil alles op eigen kracht maken.'
In het Spoorwegmuseum in Utrecht wordt ieder jaar een manifestatie gehouden met een expositie van spoorwegbanen. Clubleden bouwen ieder een stuk en alle baanstukken worden op elkaar aangesloten. Jaap gaat ook jaarlijks naar het Spoorwegmuseum. Hij verkoopt dan het tijdschrift Modelspoor magazine en ontmoet veel mensen. Ook gaat hij beurzen af en surft op internet. 'Ik koop dan ook wel eens dingen die ik niet echt nodig heb, zoals dit Van Gend & Loos-autootje. Ja, dat moet dan gewoon.' Het pronkstuk uit de collectie is een rode trein, die nu in plastic verpakt staat. 'Hij heeft onderhoud nodig,' vertelt Jaap. 'Hij zit niet voor niets in plastic. Het is een stuk jeugdsentiment'.

Computer
Bij deze hobby is ook de computer actief. Hij wordt gebruikt voor de besturing van de treinen en de bediening van wissels en seinpalen. 'Gebruik van de computer maakt het niet per se makkelijker,' vindt Jaap, 'maar als IT'er kan ik het toch niet laten. Het is leuk om met één druk op de knop alle wissels goed te zetten.'
Een heel andere computertoepassing is het digitaal ontwerpen van gebouwen, voertuigen en accessoires. Er zijn bedrijven die ontwerpen in kunststof realiseren via een speciale 3D-printer. Een alternatieve werkwijze bestaat uit het lasersnijden van 2D-ontwerpen in materiaal zoals hout, karton en perspex (zelf experimenteren met deze technieken kan in de zogeheten FabLabs, die in diverse steden in Nederland en daarbuiten bestaan).
Dan begint het prutsen en met eindeloos geduld en precisie ontstaan op schaal gebouwen die ooit ergens in Nederland in het groot gestaan hebben (en misschien nog staan).

Fascinerend
Dan komen we bij wat voor mij als toeschouwer het meest fascinerend is. Er is in die kamer daar op Geerdinkhof een heel landschap ontstaan. Een landschap waar geleefd lijkt te worden. Treinen rijden met passagiers, vracht of kolen. Mensen wachten op stations die nostalgische gevoelens oproepen en er staan oude fabrieken. Boten varen onder de spoorbrug door. Auto's uit de jaren 1955-65 rijden er. Er valt me iets op: 'Jaap, deze grasmaaier is echt wel buiten verhouding groot!' Maar het blijkt een oplegger voor een vrachtauto te zijn. Het klopt allemaal, maar af is het nog niet. Waarschijnlijk zal het nooit af zijn. Aanvullen, veranderen en vooral creëren en prutsen is hier een doorlopend proces.
Van zo'n treinenhobbyist zou je verwachten dat hij ook graag met de trein reist. Niets is minder waar. 'Als het moet om van A naar B te komen, dan stap ik er wel in. Naar mijn werk reed ik elke dag tien minuten met de trein. Maar alleen omdat daar geen parkeergelegenheid was.' De treinen in de kamer boven geven Jaap veel meer plezier.
En ik zal hier zeker regelmatig een kijkje bij het spoor gaan nemen. Hoewel ik vaker bij Hilde en Jaap kom, had ik dat nog nooit gedaan, maar de interesse is gewekt.
Verzamelaars miniatuurtreinen-3