Op dinsdagavond 19 februari ben ik op weg naar de familie Kalloe. De familie Kalloe woont in een van de hofjes van de architect Van Stigt in de hoge nummers van Geerdinkhof. Het is al donker. Ik realiseer me dat ik tot op heden altijd overdag bij de geïnterviewden thuis ben geweest.

Wonen familie kalloeHet huis
Na het aanbellen word ik door de heer des huizes welkom geheten en even later sta ik in een ruime witte hal. Oorspronkelijk hebben deze huizen tamelijk kleine hallen, maar veel bewoners hebben de hal bij een verbouwing laten vergroten. Zo ook hier. Ik mag doorlopen naar een grote ruimte waarin zowel de keuken, de zitkamer als de huiskamer samen één geheel vormen. De vrouw des huizes komt me tegemoet. We gaan aan de grote eettafel zitten.

De afgelopen maanden is het huis onderhavig geweest aan een nogal ingrijpende verbouwing op de benedenverdieping. Bij het posten van een brief kom ik vaak langs de achterkant van hun huis en kon ik de veranderingen waarnemen. Ik zeg dat ik me de verbouwing op tweede kerstdag nog herinner. De verdieping was toen nog in open staat. We hebben elkaar destijds even gesproken over de opgeblazen brievenbus.

Ik neem de ruimte eens goed in me op en vraag hen of ze inmiddels de verbouwing achter de rug hebben. Dat blijkt nog niet het geval te zijn. Kisser Kalloe en zijn vrouw Soerdja excuseren zich voor het feit dat de verwarming het nog niet doet. Die zal die in de loop van de week aangesloten worden. Ik zeg te hopen dat dat inderdaad gebeurt aangezien er weer een koude-aanval is voorspeld.
We zitten in de nieuwe uitbouw aan de zijkant van het huis en houden ons warm met vesten. Tijdens de tweede helft van het interview trekt Kisser een jas aan. Soerdja is erg blij met haar nieuwe keuken met een groot kookeiland. De nieuwe smetteloos witte benedenverdieping ademt een voorname, bijna koele atmosfeer, niet in de laatste plaats door de nog niet aangesloten verwarming. Het lijkt me in hete zomers een aangename plek om te vertoeven.

Wie zijn Soerdja en Kisser?
Het gezin Kalloe heeft drie volwassen zonen, die al het huis uit zijn. Ze zijn indertijd op Gerenstein geboren en in de Bijlmer opgegroeid en ook op school geweest. Soerdja is geruime tijd bibliotheekmoeder op de vroegere Montessorischool geweest.
Twee zonen wonen met hun gezinnen ook in de Geerdinkhof. De twee kinderen op de foto zijn kinderen van hun oudste zoon. Kleindochter Trishaya is drie en kleinzoon Soham is vijf jaar oud. Kisser en Soerdja zijn duidelijk erg ingenomen met hun grootouderschap.

Bezigheden
Tijdens het gesprek blijkt verbouwen een belangrijk thema te zijn in het leven van de familie. Kisser Kalloe leidt een vastgoedbedrijf en is veel in de binnenstad van Amsterdam. Daar is hij als aannemer betrokken bij onder meer diverse verbouwingen. Zijn vrouw helpt mee in het bedrijf, maar doet het nu wat rustiger aan. De bovenste etage huisvest het kantoor van het bedrijf. Het balkon op die etage is al in een veel eerder stadium bij het huis getrokken. Kisser zegt te weten dat zoiets nu niet meer mag, omdat het het oorspronkelijke aanzicht van deze huizen zou aantasten.
In haar vrije tijd sport Soerdja, ze doet aan fitness, houdt van lezen en van muziek beluisteren. Ze geniet vooral van Engelse en Indiase muziek. Maar het tuinieren heeft ook haar aandacht en samen met haar kleinkinderen, die zeker tweemaal per week bij haar zijn, is ze graag in de natuur en kijken ze vogels.

Kisser besteedt zijn vrije tijd aan wandelen. Dat doet hij graag en veel. Maar lezen doet hij ook wel. Vergenoegd voegt hij eraan toe dat het afleggen van familiebezoeken ook wel bijna tot een hobby gerekend mag worden. Kissers ogen beginnen te glimmen als hij vertelt dat hij erg geïnteresseerd is in mensen. Met name de verhalen van de mensen die hij bij zijn renovatiewerkzaamheden ontmoet, vindt hij reuze interessant.
Soerdja zegt gekscherend dat werken Kissers hobby is. Hierop reageert Kisser door te melden dat hij inderdaad heel erg houdt van het afleveren van goed vakwerk. Hij geniet van het ambachtelijke bij het metselen en timmeren. Hij bestiert zijn bedrijf al veertig jaar.
'Jammer dat ik geen opvolger heb voor mijn bedrijf. Mijn zoons helpen me weliswaar, maar ze voelen er kennelijk niets voor om het bedrijf over te nemen.'

Wonen in Geerdinkhof
Sinds maart 1989 woont de familie Kalloe in Geerdinkhof. 'De vraag was indertijd huren we of gaan we kopen? Het is dus kopen geworden.' Kisser vertelt dat hij zijn vrouw een paar keer op pad heeft gestuurd om huizen te bekijken. De keuze viel op dit huis, waar ze nu dus al vijfentwintig jaar in wonen.
'De indeling van het huis is speels en de tuin is in de zomer heerlijk,' zegt Soerdja. 'Ja, nu is die natuurlijk door de verbouwing nog niet goed op orde, maar dat komt weer. En dan wordt die opnieuw, ook met het oog op de kleinkinderen, kindvriendelijk ingericht.'

Buurt
Wat hun aan deze buurt bevalt is de stilte en het omringd zijn door de natuur. Alles is goed te bereiken per fiets. Als ik haar vraag of er iets gemist wordt aan deze wijk, daarbij doelend op bijvoorbeeld winkels, zegt Soerdja dat ze er vanaf het begin aan gewend is zoals het nu is.
Ze zegt tevreden te zijn over de inspanningen die zij indertijd samen met anderen hebben gepleegd ten behoeve van het basketballveldje bij de school. Dat is er gekomen.

Zowel Kisser als Soerdja zijn minder te spreken over het parkeerbeleid. Als voorbeeld wordt het betaald parkeren genoemd in de Vogeltjeswijk. Soerdja is op deze manier bij haar fitnesslessen wel erg veel extra geld kwijt. 's Zomers fietst ze graag, maar de afgelopen winter was dat niet te doen met die gladheid.
Ook de opstoppingen op en nabij de rotonde bij Ganzenhoef, vooral op de zaterdagochtenden, zijn haar een doorn in het oog.
De Droomzone komt ter sprake. Soerdja noemt het ronduit lelijk! 'Wie wil daar nu wonen? Met dat verkeer en de herrie van de schoolkinderen.' Kisser zegt daar iets genuanceerder over te denken.

Blij zijn ze met het onderhoud dat gedaan wordt door de mensen van Pantar. 'De buurt wordt goed bijgehouden. Het ziet er goed uit. Ze mogen blijven. En die schaftkeet? Nou, die mag best wel eens even op een parkeerplaats staan, hoor.'

Wensen
Ik vraag hen naar de wensen voor de toekomst. Aanvankelijk zeggen ze er geen te hebben, maar wanneer ik noem dat er misschien iets te wensen valt met het oog op het ouder worden en in deze buurt blijven wonen zegt Kisser het een goede vraag te vinden. We filosoferen wat voor de vuist weg. Ik zeg dat het idee wel eens door mijn hoofd spookt dat deze hofjes zich eigenlijk goed lenen voor burenzorg voor elkaar. Bijvoorbeeld bij ziekte of anderszins.
Het brengt het gesprek op het gemeenschapsgevoel. Soerdja noemt de jaarlijkse buurtbarbecue. Zij vindt het een goed initiatief van de buurt waar haar zoon woont. Haar wordt dan wel gevraagd daar hapjes voor te verzorgen. Zo'n initiatief tot het organiseren van iets gemeenschappelijks kan natuurlijk zeer bijdragen tot welbevinden van de bewoners.
Vooralsnog zijn Kisser en Soerdja zeer tevreden met hun nieuwe buren. Het contact is goed en zij nemen de honneurs graag waar door middel van de babyfoon als de jonge ouders even om oppas verlegen zitten.

We komen aan het eind van het interview. Kisser toont zich verrast over inhoud van het gesprek. Hij had wat zwaardere kost verwacht!
Ik bedank hen beiden hartelijk voor de tijd en het gesprek, maar eerst bewonder ik de ruime hal met de inloopgarderobe. En voordat ik de avondkou weer inga, maak ik op de valreep kennis met de jongste zoon van het gezin Kalloe, die op dat moment langskomt.