'Kijk dan, daar, dat schattige hondje... O, nu wordt 'ie bijna aangereden. O God, ik kan het niet langer aanzien. Dat heb ik met hondjes... En met kinderen trouwens ook, altijd bang dat ze onder een auto komen. Ik ben hier helemaal hysterisch van, kunt u niet iets doen?.'

Ik loop bij de rontonde van Ganzenhoef en word door een vrouw met grote paniekerige ogen aan mijn mouw richting Geerdinkhof getrokken. Normaal ben ik niet zo meegaand, maar dit keer laat ik mezelf gedwee meesleuren. Ik ben toevallig toch net op weg naar huis. Een metertje of tien voor ons loopt op de Bijlmerdreef iets dat op een wit bolletje wol lijkt. Het zwalkt van de middenberm naar de overkant en weer terug. De missie die mij is opgedragen, is een lastige, want ik ben nogal onhandig met honden... met kinderen trouwens ook. Wanneer ik wil dat ze komen, lopen ze weg en als ik geen zin in ze heb, komen ze juist naar me toe.

Terwijl de hysterische mevrouw en ik het hondje naar ons toe proberen te lokken, gaat het er dan ook prompt vandoor. Vlak voor de garage van Gouden Leeuw/Groenhoven komt het weer tot bedaren. Misschien kent u de situatie daar. Er zijn verschillende verkeersstromen waarvan aan de kant van Gouden Leeuw/Groenhoven auto's in twee richtingen de garage in- en uitrijden, waar het voetpad bij de bushalte ophoudt en het zebrapad onbereikbaar maakt. Een bizarre situatie die we in Zuidoost steeds vaker tegenkomen. Ik ben benieuwd wie van openbare werken aan de tekentafel zit te slapen. Ondertussen gaat - geen flauw idee waarom - onze dwergpoedel precies op die Y-splitsing zitten plassen. Omdat hij nu elk moment serieus kan worden aangereden, word ik nu zelf ook een beetje hysterisch. Tegen beter weten in probeer ik het diertje opnieuw naar me toe te lokken. 'Kom dan... Kom maar... Ga daar maar weg hè, dat is veel te gevaarlijk. Kom maar bij het vrouwtje...'

Naast mij stopt een automobilist, die geïrriteerd het autoraampje naar beneden draait en een groot rood hoofd naar buiten steekt: 'Als je niet weet hoe je ervoor moet zorgen, moet je geen hond nemen, trut!' En nog voor dat ik kan zeggen dat ik in zijn ogen misschien dan wel een trut mag zijn, maar dat het mijn hondje helemaal niet is, zoeft hij in zijn BMW luid claxonnerend rakelings langs 'mijn' hondje. Het arme beest zet het van schrik op een rennen en verdwijnt in de schemering.
Het wordt tijd dat het voet- en fietspad achter de tweede torens van Gouden Leeuw en Groenhoven eindelijk weer begaanbaar wordt. Dat is veiliger voor hondjes... voor kinderen trouwens ook.