Ondanks het koude weer kwamen op 30 januari in totaal 25 mensen mee met een excursie over vogels in de Bijlmerweide. Als deskundige was uitgenodigd Fred Vogelzang (wat een geweldige naam voor een vogelinventarisator). Hij weet er erg veel van en vertelde, legde uit en wees naar tal van vogels. Omdat de bomen en heesters kaal zijn, kun je in de winter de vogels makkelijker zien. Een andere reden om nu te gaan, was dat ook de wintergasten te zien zijn.

Vijftig jaar geleden was de Bijlmerweide nog een polder met weilanden en daarmee dus een weidevogelgebied met kieviten, grutto’s en (kuif)leeuweriken. Door de bouw van de huizen en de aanleg van het park met boom- en heesterstroken, zijn de weidevogels nu verdwenen, maar daarvoor in de plaats zijn de bosvogels gekomen. Door het grote aantal bosvogels dat er nu zit, worden roofvogels (zie foto’s) aangetrokken. Je kunt ze regelmatig hier zien jagen, bijvoorbeeld op de halsbandparkieten.
We hebben veel gehoord en ook genoeg gezien. Alles bij elkaar zijn zo’n vijftig soorten vogels voorbijgekomen. Maar het is lastig ze uit elkaar te houden. Niettemin luister ik nu beter en herkende ik vandaag direct het boomkruipertje dat vlak voor mijn huis langs de boom omhoogliep.

Nog een paar leuke wetenswaardigheden die verteld werden:

  • We zagen in de buurt van de ‘half pipe’ een viertal halsbandparkieten die uitgebreid de holtes in een boom inspecteerden, waarschijnlijk voor nestgelegenheid.
  • Het aantal nesten in de blauwe-reigerkolonie groeit gestaag, nu ongeveer twintig.
  • Nachtegalen waren vroeger te horen in Kantershof, ze broeden nu aan de oostelijke rand van Gaasperdam (bij ‘Ballorig’). Hun biotoop is dicht struikgewas: vochtige bossen met rijke ondergroei van onder andere brandnetels (die insecten en vlinders trekken, dus: voedsel). Je zou zeggen dat ze dan nu toch wel bij ons in de Bijlmerweide verwacht kunnen worden!
  • De lijster zingt, ook midden in de winter, ’s nachts bij het metroviaduct Ganzenhoef.
  • De scholekster is de enige steltloper die zijn jongen voert.
  • De buizerds zijn nu het talrijkst onder de roofvogels, ze jagen niet alleen, maar eten ook het aas van aangereden dieren.
  • Uilen hebben een asymmetrisch gehoor waarmee ze het geritsel van hun prooi precies kunnen lokaliseren.
  • De nestkasten voor de torenvalk, opgehangen door de Werkgroep Bijlmerweide, hebben spijltjes om de nijlgans te weren.

Tijdens de wandeling ontmoetten we nog een andere vogelliefhebber, die ons een plaats toonde waar een bijzondere paddenstoel groeit: het ‘weerhuisje’ (Astraeus hygrometricus). Een paddenstoel die bij mooi weer dicht gaat en bij vochtig weer open. Het is een bedreigde soort (Rode Lijst 1989), dus het is zeer bijzonder dat ze zomaar bij ons in het park groeien.

Vanaf mei is er meer vogelzang te horen, maar dan zitten de vogels meer verscholen. Wie wil kan dan opnieuw meedoen aan een LandschapLezen-wandeling over vogels, dan met de vogels die hier broeden. We hopen dan ook Fred Vogelzang weer te horen!

Wil je ook langzamerhand het landschap willen leren lezen, dan kun je je aanmelden bij Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.