We hebben het de laatste weken erg druk gehad met allerlei zaken en diverse ups en downs mee moeten maken:

1. Beroep en voorlopige voorziening (vovo) tegen vrijstelling ex art. 19.2 dreefverlaging.
Zoals al eerder gemeld, heeft de bestuursrechter de vovo toegekend en in zijn overwegingen aangegeven dat ook in de grond van de zaak vrijstelling ex art. 19.2 geen stand zal kunnen houden. Hierop heeft het Stadsdeel de vrijstelling ex art. 19.2 ingetrokken, maar meteen de procedure voor een vrijstelling ex art. 19.1 gestart, waartegen we onmiddellijk bezwaar hebben ingediend.

2. Uitspraak Raad van State inzake hoger beroep kap:
In eerste instantie leek de uitspraak positief te zijn, want het hoger beroep werd gegrond verklaard. Deze gegrond verklaring berustte echter uitsluitend op foutieve ontvankelijkheidverklaringen door het Stadsdeel/de bestuursrechter. Op inhoudelijke gronden hebben we helemaal niet gescoord waardoor de kapvergunning nu onherroepelijk is geworden. Echter wel met de hierin opgenomen twee bindende voorwaarden: een rechtsgeldige vrijstelling ex art 19.2 en een rechtsgeldige ontgrondingenvergunning. Wij hebben van het Stadsdeel de sterke indruk gekregen dat zij ervan uitgaan dat met een rechtsgeldige vrijstelling ex art. 19.1 ook aan de 1e voorwaarde uit de kapvergunning is voldaan. Zoals u wellicht heeft kunnen lezen in de Echo, zouden wij gewonnen hebben ! Dit is zeer verheugende nieuws, maar het bestuur heeft dit echter nog niet formeel te horen gekregen. Wij wachten dan ook met reacties tot wij formeel in kennis zijn gesteld omtrent de uitspraak.

3. Beroep tegen de ontgrondingenvergunning bij de Raad van State.
De beroepszaak heeft plaatsgevonden op 20 mei 2005 en binnen 6 weken zal men uitspraak doen. Deze uitspraak valt dus deze maand en indien ze voor ons negatief is, is hiermee aan de 2e voorwaarde t.b.v. de kapvergunning voldaan.

4. Beroep en vovo tegen bouwrijp maken van het maaiveld t.b.v. de bouw van Nieuw Grunder (Grunderhout).
Het bestuur had besloten ook deze procedure door te zetten, aangezien met dit bouwrijp maken een voorschot wordt genomen op het leegkappen en verlagen van de dreven. De zitting heeft op 31 mei plaatsgevonden en binnen 14 dagen zal de bestuursrechter uitspraak over de vovo doen, waarbij hij het recht heeft meteen ook uitspraak te doen over de grond van de zaak.

5. Ontwerp bestemmingsplan Geerdinkhof.
Wij hebben onze zienswijze over o.a. de foute, veel te krappe, plangrenzen en over het beleid t.a.v. dak opbouwen schriftelijk kenbaar gemaakt en mondeling toegelicht in de vergadering van de commissie ROVB. Op 31 mei is het plan helaas ongewijzigd door de Stadsdeelraad vastgesteld. Wel heeft de portefeuillehoudster de toezegging gedaan dat waar mogelijk rekening gehouden zal worden met de wensen voor tuinuitbreidingen, maar erg blij kunnen we hier niet mee zijn.

6. Bezwaar tegen het voorbereidingsbesluit van het dagelijks bestuur m.b.t. een deelbestemmingsplan voor het gebied van het talud en de rijweg Bijlmerdreef, ’s Gravendijkdreef en Geerdinkhofweg.
Afgelopen maandag is de zitting van de onafhankelijke bezwaren commissie geweest en hebben wij onze bezwaren mondeling kunnen toelichten. De commissie zal een niet bindend advies aan het DB uitbrengen en verwacht dat het vervolg pas na het komende zomerreces zal plaatsvinden.

7. Beroep tegen de bouwplannen vogeleiland.
Donderdag 11 juni heeft de behandeling plaatsgevonden. Voor ons zijn de belangrijkste argumenten geweest:
1. het tegengaan van de bebouwing binnen de PEHS.
2. het voorkomen van een presedentwerking, mocht het tot een verdere een verdere bebouwing komen van de Bijlmerweide.

Concluderend en de stappen die wij willen nemen in grote lijnen: Zoals gezegd is de kapvergunning onherroepelijk geworden, maar hopen we dat de Raad van State de ontgrondingenvergunning zal gaan vernietigen, waardoor de kap niet kan worden uitgevoerd.
Daarnaast is er nog de voorwaarde van een vrijstelling ex. Artikel 19.2. en die vrijstelling zal er niet zal komen (zie punt 1 hiervoor). Maar het Stadsdeel rekent er op dat een rechtsgeldige vrijstelling ex art. 19.1. Ook geldt als 2e voorwaarde voor het uitvoeren van de kap. Indien nu de uitspraak over beroep ontgrondingen vergunning voor ons negatief uitpakt, dienen wij onmiddellijk beroep aan te tekenen en een voorlopige voorziening aan te vragen tegen de vrijstelling ex art. 19.1. De spoedeisendheid is gelegen in het onmiddellijk in gang (kunnen) zetten door het stadsdeel van de kap van de ca. 400 bomen en vele struiken.
Daarnaast overwegen we om parallel hieraan ook een kort geding tegen het stadsdeel aan te spannen om hiermee te bereiken dat de kapvergunning niet uitvoerbaar wordt verklaard, wegens definitief ontbreken van de vrijstelling ex art 19.2. Indien dit lukt dan dient er een geheel nieuwe kapvergunning te komen, die gebaseerd moet zijn op de inmiddels van kracht geworden nieuwe kapverordening die meer mogelijkheden biedt om kap tegen te gaan.