Op 21 februari j.l. heeft een gesprek plaatsgevonden tussen vertegenwoordigers van de 3G's en de PVDA-fractie in Amsterdam Zuidoost.

Degenen die de GG-alert ontvangen, weten al dat we op een uitnodiging van de PvdA zijn ingegaan om te komen praten. Zoals in de uitnodiging stond: "De fractie van de PvdA in Amsterdam Zuidoost zou graag met het bestuur van uw vereniging in gesprek willen over de te ontwikkelen plannen voor de inrichting van het gebied ten oosten van de 's Gravendijkdreef. Wij hopen op een constructieve dialoog." In de uitnodiging voor Gouden Leeuw en Groenhoven stond "ten noorden van de Bijlmerdreef". Saillant detail, vooral ook omdat in eerste instantie Gouden Leeuw en Groenhoven op een ander tijdstip waren uitgenodigd dan Geerdinkhof.

Op dinsdagavond 21 februari zijn vier vertegenwoordigers van Geerdinkhof naar de bijeenkomst geweest, waarbij ook vertegenwoordigers van Groenhoven en Gouden Leeuw aanwezig waren. Van de zijde van de PvdA waren o.a. de heren Verzijl en Burgers aanwezig. Mevr. Verdonk, portefeuillehouder Ruimtelijke Ordening en lid van de PvdA, kwam later binnen.

Geerdinkhof heeft de nullijn verdedigd: onze wijk is af en zit niet op bebouwing te wachten. De PvdA vindt dat er hoe dan ook bebouwing moet komen aan de noord- en oostzijde, maar dat het volstrekt open ligt waar, wat en hoeveel. Noch de woningen aan de kopse kant van de lage nummers waren een must, noch de ooit ingetekende woningen bij Groenhoven en Gouden Leeuw. Aan het 3G-deel van de dreef, vond de PvdA, moest uitsluitend bebouwing komen passend bij het karakter van de wijken. Het zou dus duidelijk gaan afwijken, werd gezegd, van de strakke dubbelwandige dreefbebouwing bij Laag-Koningshoef. Dat er bebouwing moet komen verdedigde de PvdA uiteraard vanuit het stadsstraatconcept. Dat Balothra vindt dat de stad moet verdunnen naar de buitenzijden van de wijk greep de PvdA net zo hard aan om te pleiten voor (lichte) bebouwing als dat vertegenwoordigers van Geerdinkhof dat deden om te pleiten voor geen extra bebouwing buiten wat er nu al is.
Onze architect, Jan Kapsenberg heeft altijd betoogd en deed dat die avond opnieuw, dat de stadsstraat geen ononderbroken gevelwanden hoeft te hebben om stadsstraat te kunnen heten.

Het voorbeeld van Kantershof werd door de PvdA naar voren gebracht als geslaagd project. Eerst waren de bewoners tegen, maar nu zijn tuinuitbreidingen en dakopbouwen aan de orde van de dag. Van onze zijde is ingebracht wij weten dat de bewoners van Kantershof een andere mening zijn toegedaan; de woningen langs de toegangsweg van Kantershof wordt beschouwd als het slechtste resultaat dat uit het overleg naar voren is gekomen. De argumenten van de PvdA zijn bekend: 'Als iedereen zijn zin kreeg die geen huizen in de buurt van zijn eigen huis wil, dan werd er in Nederland geen woning meer gebouwd. Wij hebben het nu eenmaal op ons genomen om voor bebouwing te gaan zorgen.'

Bebouwing voor de garages en de eerste woontorens van Gouden Leeuw en Groenhoven werd redelijk snel opgegeven door de PvdA. Het zou waarschijnlijk te duur zijn, en de vraag was of de woningen wel verkoopbaar zouden zijn. De suggestie om de oorspronkelijke architect van de woontorens, de heer van Stigt, uit te nodigen om na te denken over bebouwing, werd een interessante gedachte gevonden.
Gouden Leeuw en Groenhoven waren iets meer geneigd om in te gaan op lichte bebouwing bij de scholen. Maar mevr. Verdonk was van mening dat de ruimte bij de kopse kant van Geerdinkhof zich beter leende voor woningbouw dan die bij de scholen, omdat de strook bij de scholen relatief smal is. Geerdinkhof heeft daartegen betoogd dat met name de lage nummers in Geerdinkhof een compacte bouw vertonen en dat juist daarom er niet 22 nog meer huizen vlakbij zouden moeten komen, want zo'n compacte bebouwing heeft nu eenmaal veel groen om zich heen nodig (het Bijlmer-principe, dat ook voor de hoogbouw gold). Bovendien heeft Geerdinkhof (in de 3G's) in het verleden meerdere malen aangetoond dat de gewenste bouwvolumes ook aan gene zijde van de dreef kunnen worden gerealiseerd. Wij vinden en hebben dat ingebracht, dat het karakter van de buurt het best wordt gediend met terugbrengen van het groen op die plaatsen waar het nu is verwijderd.

Een opmerkelijke inbreng van de PvdA was dat voor het hele gebied aan onze kant gold dat het maar de vraag was of er bouwmaatschappijen geïnteresseerd zouden zijn om hier te bouwen; en zo zou er dan toch nog uitkomen wat we wilden. Dit heeft alle kenmerken in zich van een zwaktebod en dat is dan ook door ons als een niet-principiële houding weggewoven.

Als laatste hebben wij aangegeven dat. mochten ze straks weer de macht hebben en werkelijk kunnen bepalen wat er langs de dreven zou moeten komen, dat we dan nog steeds om de tafel willen zitten om in die politieke realiteit toch nog enige invloed uit te willen oefenen.

We hebben de suggestie om de PvdA na de verkiezingen uit te nodigen voor een open overleg in beraad genomen.

Geerdinkhof maakt de balans op: wat heeft de afgelopen 4 jaar ons gebracht? Op 12 juni 2001 werd het Plan van Aanpak Grunder aangenomen door de stadsdeelraad met een kleine meerderheid: 16 voor en 11 tegen, 2 raadsleden waren niet aanwezig. Voor dreefverlaging, bomenkap en verdichtingsbouw waren PvdA (11 stemmen), VVD (2 van de 5 stemmen), Groen Links (2 van de 3 stemmen, een raadslid afwezig) en Solidariteit Zuidoost. Tegen dreefverlaging, bomenkap en verdichtingsbouw waren VVD (3 van de 5 stemmen), CDA (1 stem, een raadslid afwezig), Groenen (1 stem), Leefbaar Zuidoost (2 stemmen), Socialistische Partij (2 stemmen), D66 (1 stem) en Groen Links (1 stem). PvdA en VVD vormden toen de coalitie.

Na de verkiezingen van 6 maart 2002 vormden PvdA, VVD en Groen Links een coalitie. Deze partijen waren bereid in het bestuursakkoord af te spreken dreefverlaging niet meer ter discussie te stellen. Leefbaar Zuidoost, met 5 zetels een van de grotere partijen, was daartoe bijvoorbeeld niet toe bereid. Tijdens de afgelopen periode is Groen Links uit de coalitie gestapt en heeft het CDA hun plaats ingenomen. Maar niet nadat ook zij aangegeven hadden dreefverlaging ter discussie te stellen.

En de dreeefverlaging heeft de afgelopen vier jaar regelmatig op de agenda van zowel commissievergaderingen als stadsdeelraadsvergaderingen gestaan. Achtereenvolgens hebben de kapvergunning, twee keer de ontgrondingenvergunning, de sloopvergunning voor de viaducten, de vrijstellingsprocedure (eerste art. 19 2 en later art. 19.1 nadat de rechter de eerste vernietigd had), het bestemmingsplan Geerdinkhof, de bouwvergunningen voor de woningen op het terrein van Grunder en het profiel van de geerdinkhofweg. op de agenda gestaan. En steeds hebben de vertegenwoordigers van de 3G's ingesproken en onze standpunten naar voren gebracht: onze wijken zijn af, wij zijn geen vernieuwingsgebied, wij hechten aan onze groene wijken. En die ene keer dat eigenlijk de meerderheid van de raad, incl. de coalitiepartij VVD de dreefverlaging toch ter discussie wilde stellen, werd met name de VVD snel teruggefloten door de PvdA. Nooit hebben we vertegenwoordigers van het Dagelijks Bestuur over de vloer gehad.

Nooit hebben vertegenwoordigers van het Dagelijks Bestuur hun beleid verdedigd bij de rechtbank en Raad van State. Nooit heeft de stadsdeelvoorzitter, mevr. Sweet 23 (PvdA), getracht in navolging van Cohen "de boel bij elkaar te houden".

Wel is duidelijk geworden dat door het opknippen van de plannen in deelplannen en tussenstappen de rechtbank en Raad van State geen andere juridische mogelijkheden hadden dan aan te geven dat de afweging van belangen alleen maar plaats kan vinden bij de vrijstellingsprocedure. En ja, als je dan de pech hebt een voorzieningenrechter te treffen die ten aanzien van de vrijstellingsprocedure aangeeft dat:

"De onderhavige zaak is echter dermate complex, dat de rechter geen volledig onderzoek heeft kunnen doen. Op grond van zijn beperkte onderzoek komt de rechter tot het voorlopig oordeel dat er geen gronden zijn te verwachten dat het bestreden besluit geen stand zal kunnen houden."

en een Dagelijks Bestuur hebt dat daags na de uitspraak begint met kappen en niet bereid is haar eigen bezwaarprocedure af te wachten, dan wordt het moeilijk. Dit Dagelijks Bestuur (PvdA, VVD en CDA) vertikt het – we kunnen het niet anders zien – om binnen de daarvoor gestelde termijn te beslissen op ons bezwaar tegen de vrijstellingsprocedure. Want zo gauw zij beslissen staan ons de rechtsmiddelen weer ter beschikking.

Hoeveel bewoners moeten eigenlijk participeren in een stadsdeel, mee willen denken over hun wijk, betrokken zijn, voordat de politiek daadwerkelijk naar hun luistert? Als drie wijken met ca. 1500 huizen en ca. 4000 bewoners bereid zijn om geld en tijd (veel geld en heel veel tijd) in te zetten voor constructief overleg (we hebben tot drie keer toe alternatieven ingediend), voor het inhuren van contraexpertise (we hebben rapporten over groen, milieu, luchtkwaliteit, geluidsniveau's, verkeersveiligheid en leefkwaliteit laten opstellen, second opinions gevraagd over de rapporten die het stadsdeel op heeft laten stellen), voor het in discussie gaan met politici (zowel bij het stadsdeel, als bij de provincie, als bij de centrale stad – ook al bestaat de discussie eruit dat je drie minuten spreektijd krijgt), voor het houden van een enquête (waarbij de overgrote meerderheid tegen dreefverlaging stemde bij een opkomst van meer dan 70%), als de bewoners van drie wijken dat doen, dan is de vraag gerechtvaardigd of dit stadsdeelbestuur van met name PvdA en VVD er wel is voor de burgers van het stadsdeel.

Volgende week kan er gestemd worden. Zoals de verkiezingskrant bij de vorige verkiezingen stelde:

U mag het zeggen.